Formule 1-iconen

Reutemann bespeurt al snel dat zijn jongere Braziliaanse teamgenoot minstens zo goed is als hijzelf

In de Formule 1 zijn twee titels te behalen: het wereldkampioenshcap voor coureurs en constructeurs. In de serie 'Formule 1 iconen' is de auto de ster. We gaan terug naar het jaar 1975.

Carlos Reutemann & Brabham-Ford BT44B

Het door Bernie Ecclestone geleide Motor Racing Developments (oftewel Brabham) wil in 1975 een serieuze gooi naar de wedstrijdtitel doen. Toprijder Carlos Reutemann wint in de maagdelijk witte BT44 immers liefst drie Grands Prix in 1974. Dat smaakt naar meer. Met de komst van de talentvolle Carlos Pace als tewede man, nieuwe titelsponsor Martini en een op 142 detailpunten aangepaste BT44B moet alles op zijn plek vallen.

Door Rik Werner

Carlos Alberto Reutemann (12 april 1942) is na Juan-Manuel Fangio de beste Formule 1-coureur die Argentinië ooit heeft voortgebracht. El Lole, de Indiaan, luidt de bijnaam van de coureur met het uitgestreken, stoïcijnse gezicht, die tussen 1972 en 1982 twaalf Grands Prix op zijn naam schrijft en zes polepositions verovert. Wereldtitels blijven uit, ondanks contracten met topteams als Brabham, Ferrari, Lotus en Williams. Niet zelfden zit hij precies op het verkeerde moment in de verkeerde auto. In 1981 grijpt hij met Williams na een dramatisch slotakkoord in Las Vegas nét naast de gedroomde bekroning van zijn al met al best fraaie F1-carriere. In 1987 en 1980 is Reutemann telkens goed voor het 'brons' in de WK-ranking, evenals in 1975. Dat jara bestuurt hij de magische Martini-Brabham BT44B, volgens veel kenners een van de mooiste ontwerpen van meesterbrein Gordon Murray.

Poleposition

Zijn achternaam doet het al vermoeden. Carlos Reutemann is een nazaat van een Duits-Zwitserse immigranten familie. Grootvader Reutemann waagt begin twintigste eeuw de grote oversteek naar Zuid-Amerika. De vader van Reutemann is een geboren Argentijn, die trouwt met een Italiaanse. Carlos heeft dus niet alleen Zwitsers, maar ook Italiaans bloed in de aderen, wat in zijn F1-loopbaan helpt bij de contacten met onder meer Martini, Alfa Romeo en Ferrari. Naar de huidige maatstaven is Reutemann een echte laatbloeier. In 1965, dus pas op zijn 23ste, rijdt hij zijn eerste autorace met een Fiat. Maar daarna maakt 'El Lole' snel naam. via Zuid-Amerikaanse toerwagenkampioenschappen en Formule 2 duikt hij in 1970 op in Europa. Hij trekt er meteen de aandacht door in zijn eerste Europese Formule 2-race direct in de eerste de beste bocht na de start F1-ster Jochen Rindt van de baan te kegelen. Reutemann finisht nog als vierde. In 1971 eindigt hij in de F2-eindstand als tweede, kort achter Zwedens rijzende ster Ronnie Peterson. Brabham-baas Bernie Ecclestone hefet genoeg gezien en legt de inmiddels al bijna dertigjarige Reutemann voor het F1-seizoen van 1972 vast, als tweede man naast veteraan en tweevoudig wereldkampioen Graham Hill. Hij maakt izjn naam als groot talent meteen waardoor tijdens zijn debuut, thuis in Buenos Aires, de Brabham BT34 prompt op poleposition te kwalificeren. Helaas verloop tde race minder voorspoedig door een verkeerde bandenkeuze. De door Reutemann gekozen zachte Goodyears slijten overmatig in de Argentijnse hitte en na een pitstop, vanaf plaats vier, eindigt hij als zevende op twee ronden van de winnaar. Genoegdoening komt er korte tijd later tijdens de niet voor het WK meetellende Grand Prix van Brazilië op het fonkelnieuwe Interlagos. Reutemann zegeviert overtuigend voor Peterson, al moet worden aangetekend dat lang niet alle teams van start gaan. Verder verloopt het debuutseizoen van Reutemann weinig florissant, met de vierde plaats in de voorlaatste wedstrijd in Canada als positieve uitschieter. Het is een mooie opsteker. In 1973 blijkt de Brabham BT42 een stuk beter, al ziet Reutemann in de eerste zes races geen kans punten te scoren. Te langzaam en te breekbaar is de BT42. Maar in de zomer gaat het crescendo, met een vierde plaats in Zweden en een derde op Paul Ricard. Ook in Engeland (zesde), Oostenrijk (vierde), Italië (zesde) en op Watkins Glen (opnieuw derde) komt de Argentijn tot scoren, wat hem een zevende plaats in het WK oplevert, ver voor zijn teamgenoten Wilson Fittipaldi en Andrea de Adamich.

Zonder brandstof

Een jaar later is Reutemann de onbetwiste kopman van Brabham en door het uitblijven van een hoofdsponsor komt de rijke pay-driver Rikky van Opel in de tweede auto terecht. De auto, dat is de Brabham BT44, een ontwerp van de jonge Zuid-Afrikaan Gordon Murray. Het ding valt op. Niet alleen vanwege de fel witte lak. De imposante voorspoiler en de radicale, schuin aflopende sidepods vallen in het oog, evenals de hoge, slanke airox op de 3 liter Ford-Cosworth DFV. De BT44 is een enorme stap voorwaarts ten opzichte van zijn nukkige voorganger. Reutemann zegeviert in '74 maar liefst drie keer afgetekend, op Kyalami, op Zeltweg en op Watkins Glen. Ook tijdens de seizoensouverture in Buenos Aires is Reutemann ongenaakbaar, maar door een rekenfoutje van zijn monteurs komt de ongelukkige courreur twee ronden voor het vallen van de finishvlag zonder brandstof naast de baan stil te staan. hij wordt nog als zevende geklasseerd. honderdduizend (!) Argentijnse fans die zich al opmaakten voor een feestje slaan het tafereel met verbijstering gade. Reutemann wint in '74 net zoveel races als wereldkampioen Emerson Fittipaldi, maar een gebrek aan betrouwbaarheid voorkomt dat hij een woordje kan meespreken in de titelstrijd. Met 32 punten eist hij de zesde stek in de WK-eindstand op, terwijl Brabham bij de constructeurs als vijfde eindigt. Ecclestone beseft dat zijn team om door te kunnen groeien twee sterke rijders nodig heeft en zet al in de laatste races van '74 de talentvolle Braziliaan Carlos Pace naast Reutemann. In '75 gaan Carlos en Carlos vrolijk naast elkaar verder, met de vaste startnummers 7 (Reutemann) en 8 (Pace). Vermouthgigang Martini & Rossi is bereid miljoenen Lires te pompen in de renstal van Ecclestone, terwijl ontwerper Gordon Murray de BT44 in de winter nog maar eens kritisch tegen het licht houdt. Dat resulteert in een op 142 punten verfijnde BT44B. De krachtbron blijft dezelfde, al lonkt Ecclestone voorzichtig naar het Italiaanse Alfa Romeo. Schakelen gebeurt nog altijd met de Hewland FG400 vijfbak, terwijl de BT44B met een gewicht van 578 kg tot de lichtste bolides van het veld behoord. De wielbasis is met 2.413 mm een stuk korter dan die van de concurrentie. Het komt de wendbaarheid ten goede, meent Murray.

Kwalificatieduel

Een aanval op de wereldtitel is het doel, maar gaandeweg 1975 blijkt dat tegen de combinatie Niki Lauda en Ferrari 312T geen kruid is gewassen. De BT44B is rap, maar Reutemann bespeurt al snel dat zijn jongere Braziliaanse teamgenoot minstens zo goed is als hijzelf. Zo wint Pace overtuigend het onderlinge kwalificatieduel met 9 tegen 5. Reuteman verovert bij de seizoensouverture in Argentinië weliswaar het eerst epodium voor de BT44B (plek drie), maar het is Pace die sensationeel zijn thuisrace in Brazilië wint, waarmee hij Ecclestone en sponsor Martini enorm pleziert. Reutemann druipt af met een kansloze achtste plaats. Op Kyalami bevolken de Martini-Brabhams de eerste startrij, waarbij Pace zijn teamgenoot met zevenhonderdsten van de pole afhoudt. Reutemann rijdt vervolgens een sterke race en moet alleen lokale held Jody Scheckter voor zich dulden, Pace blijft steken op P4. Reutemann komt op het stratencircuit van Montjuïc in de voortijdig afgebroken race enigszins ofrtuinlijk als derde over d emeet, terwijl Pace als gevolg van de crash van koploper Rolf Stommelen (Hill) zijn kans op een podium ziet verdampen door een lekke band. Ook in Monaco worstelt El Lole; Pace krijgt met een derde plaats opnieuw alle lof toegezwaaid. Reutemann revancheert zich met een derde plaats in België, gevolgd door een knappe tweede stek in Anderstorp en een vierde op Zandvoort. El Lole is back, Pace is weer even op zijn plaats gezet. Op Silverstone is Pace echter weer even lucky met een tweede plaats, ondanks het feit dat hij in de verregende slotfase het zwart/wit geblokt als gevolg van een glijpartij mist. Maar zondag 3 augustus 1975 is onmiskenbaar dé grote dag van Carlos Reutemann, de Argentijn mag zich op de Nürburgring een ware Ringmeister wanen. De inmiddels 33-jarige wint op de bloedhete Nordschleife dominant een bizarre race, waarin de ene na de andere Goodyearband ploft. De Brabham met startnummer zeven blijft uit de problemen en wint met 1 minuut 37 voorsprong op Jacques Laffite. Het is Reutemanns laatste grote wapenfeit van het seizoen, al volgt er nog een vierde plaats op Monza.

Alfa Romeo

Achter wereldkampioen Niki Lauda (64,5) en Emerson Fittipaldi (37) eindigt Reutemann keurig als derde in het WK met 37 punten, zijn hoogste eindklassering tot dusver. Pace blijft op eerbiedige afstand met 24 punten, maar de Braziliaan heeft laten zien dat hij in pure snelheid zijn Argentijnse leermeester in feite de baas is. Toch is Bernie Ecclestone niet ontevreden, zijn opzet (twee toprijders onder één dak) is geslaagd. Met 54 punten klasseert Brabham zich als tweede in het constructeurs-WK, ver achter het ongenaakbare Ferrari, maar precies één puntje voor het grote Marlboro McLaren. Lekker! Eind '75 slaat Ecclestone als Alfa Romeo aan de haak als motorenleverancier, in de hoop met de nieuwe BT45 en een dikke V12 achterin een échte aanval op de wereldtitel uit te kunnen voeren. Die opzet mislukt jammerlijk, ondanks de fantastische felrode livery van de auto. Onbetrouwbaar en langzaam zijn de kwalificaties voor de BT44B-opvolger, die niet eens in de schaduw kan staan va nzijn illustere voorganger. Het doet Reutemann besluiten in de zomer van '76 Brabham te verlaten, wanneer hij de kans krijgt naast Lauda en Regazzoni een derde Ferrari te besturen. Pas in 1981 levert Brabham met Nelson Piquet (en Ford-Cosworth motoren) een wereldkampioen af. De Braziliaan klopt in de finalerace voormalig Brabham-piloot Reutemann die dan bij Williams onder dak is. Het verlies hakt er mentaal zo stevig in bij de Argentijn, dat hij in 1982 na twee Grands Prix er de pardoes brui aangeeft. Carlos Reutemann neemt zijn toevlucht tot de politiek en schopt het in zijn geboorteland nog tot gouverneur van de provincie Santa Fé.